Het gaat goed met de Trompetzwaan

Het gaat goed met de Trompetzwaan

De opwarming van de aarde heeft niet voor alle dieren die in Alaska leven nadelige gevolgen. De Trompetzwaan (Cygnus buccinator) is zo’n voorbeeld waar het steeds beter mee gaat.

 

Een aantal jaar geleden was de trompetzwaan bijna uitgestorven. Het dier heeft de naam overigens te danken aan het trompet geluid dat het maakt. De trompetzwaan stamt af van de wilde zwaan die in Europa voorkomt. De resultaten van het onderzoek dat werd uitgevoerd door onderzoeker Joshua Schmidt werden gepubliceerd door BioOne.org

 

Opwarming

 

Door de opwarming van de aarde hebben de trompetzwanen meer tijd om hun jonge op te voeden. Na de geboorte heeft een jonge trompetzwaan 145 dagen nodig om sterk genoeg te worden om vervolgens naar het warmere zuiden te vliegen. Omdat het steeds warmer wordt kunnen de zwanen nu ook op plekken worden opgevoed waar het vroeger te koud was. Logisch gevolg is dat er steeds meer trompetzwanen door de winter komen en het zuiden veilig bereiken.

 

Jacht

 

Er werd jaren lang gevreesd voor het voortbestaan van de trompetzwaan. De indrukwekkend vogel was jarenlang prooi van de jacht. Een volwassen trompetzwaan weegt rond de twaalf kilo en de veren werden gebruikt voor het maken van pennen. Het dier was ook een gewild slachtoffer vanwege de grote hoeveelheid vlees.